AFM deelt conclusies over crowdfunding

AFM deelt conclusies over crowdfunding

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft onderzoek gedaan naar (toezicht op) de crowdfundingsector. De toezichthouder heeft naar aanleiding hier van een aantal conclusies en aanbevelingen gepubliceerd. Het onderzoek is op verzoek van de Minister van Financiën uitgevoerd. De AFM nodigt marktpartijen uit te reageren.

Crowdfundingmarkt in ontwikkeling

De nu nog kleine markt voor Crowdfunding is sterk in ontwikkeling. Dit jaar zijn er negentien nieuwe crowdfundingplatforms geregistreerd in Nederland. De AFM verwacht dat in 2014 ongeveer 37 miljoen euro via de geregistreerde crowdfundingplatforms wordt verstrekt, 100 procent meer dan in 2013.

Ruimte voor verantwoorde groei

De AFM vindt het belangrijk dat de crowdfundingsector de ruimte krijgt om op een duurzame en verantwoorde manier te groeien. Dat betekent dat ze voldoet aan een aantal randvoorwaarden, zoals professionele platforms, een minimumniveau aan transparantie, en een bepaalde mate van bescherming van de geldgever en geldvrager. De AFM ziet een belangrijke verantwoordelijkheid voor de sector, maar stelt dat er ook een aantal wettelijke aanpassingen nodig zijn.

Rol sector

De toezichthouder ziet voor de sector een aantal taken, zoals het delen van informatie en best practices, initiatieven met betrekking tot educatie, ondersteuning en advies voor de geldgevers en geldvragers. Ook vraagt de AFM de sector om samen te werken op gebied van screening en fraudedetectie processen, als ook het  onderling uitwisselen van informatie over fraudegevallen en hiervan blijvend melding te maken bij de toezichthouder. Ten slotte verzoekt de toezichthouder de sector na te denken over een collectieve of individuele compensatie bij fraudegevallen.

Aanpassing wetgeving

De AFM adviseert om (de intensiteit van) de wet- en regelgeving en het toezicht mee te laten groeien met de ontwikkeling van de markt. Zo wil de toezichthouder het aantal vergunningtypes voor crowdfunding van vier naar drie brengen, waarbij het bemiddelingsregime niet meer als passend wordt gezien.

De toezichthouder ziet mogelijke overtreding van het verbod op aanbieden van krediet zonder vergunning (artikel 2:60 Wet Financieel Toezicht-Wft ) en van het beloningsverbod van (4:74 Wft) en betwijfelt of er sprake is van ‘bemiddeling’ , omdat er meestal niet bemiddeld wordt voor professionele aanbieders. Als oplossing ziet de AFM dat platforms die nu over een bemiddelingsvergunning beschikken, hun vergunning uitbreiden naar een vergunning voor het aanbieden van krediet.

Ook wil de toezichthouder een passendheidstoets invoeren, gericht op geldgevers. Deze toets maakt het mogelijk om te investeren boven het huidige investeringsmaximum per platform per individu van €20.000 voor equity-based crowdfunding en €40.000 voor loan-based crowdfunding.

Op de lange termijn ziet de AFM graag de invoering van twee wettelijke regimes, namelijk een loan based regime en een equity based regime, waarvan de regels specifiek zijn toegeschreven op crowdfunding.